Mocht je ooit een reis naar het enige echte switi kondre hebben geboekt en – bij nader inzien – schoon genoeg krijgen van die klerezooi om je heen, is er altijd nog één uitkomst.

In alle vroegte een taxi nemen en je naar Zorg & Hoop laten rijden. De tweede vertrekhal links. Met je paspoort wapperen, je laten wegen mét je hele handel (zo weinig mogelijk), de kilo’s afrekenen aan het loket (mag ook in srd’s) en op naar Benzdorp. Met twee  motoren nauwelijks anderhalf uur brommen. Uitzicht verzekerd.

Na de landing even bij het vliegtuig wachten, tot ook jouw bagage is uitgeladen. En dan op zoek naar de station manager. Die kent iedereen en weet alles. Meestal te vinden in het winkeltje annex bar aan de boskant.

Leg uit – basiskennis van Sranan of Portugees strekt tot aanbeveling – dat je naar het gelijknamige stadje wilt. En zeg alvast dat je ook wilt overnachten. Dan ben je, met een beetje mazzel, in één klap uit de brand.

Op het vliegveld zelf is de kruiwagen het meest gangbaar vervoermiddel, maar voor langere afstanden de quad of de korjaal.  Een ritje over land mag in dit geval niet meer kosten dan tien euro. (Ofwel 0,4 gram goud, zul je later merken.)

Er is tenminste altijd wel een particulier te vinden met een terras of balkon, waar je je hangmat kunt bevestigen. Heb je toevallig niet zo’n ding bij je, koop er een bij de Chinees in de buurt.

In Benzdorp wordt je geen strobreed in de weg gelegd. Dus ook geen persoon in uniform, die je het bewijs vraagt van de een of andere identiteit. De winkels hebben alles te koop. Leef je uit in de kroeg en kom bij in de kerk. Desnoods ga je een grammetje bijverdienen,  buiten de bebouwde kom. Voor als je de plaatselijke juwelier de trouwring wilt laten maken waar je nooit geld voor had, bijvoorbeeld. De vrijstaat van de Aluku, een stamverband waar ook de  verzetsheld Boni in vervlogen tijden toe behoorde, doet wat dat alles betreft zijn naam eer aan.

Daar staat tegenover dat je je voortplantingsdrift een beetje moet intomen, want onderwijs voor je kinderen moet je hier niet verwachten. En als je bij het klussen in de modder je poten breekt of je wordt genaaid  door een mati, hoef  je ook niet te rekenen op een ambulance of politie.

Maar geen nood, een aards paradijs waar dat soort zaken wel te vinden is, ligt in the bend of the river. Nog geen half uurtje varen, stroomopwaarts, en je staat op de kade van Maripasoula. Daar is, voorwaar, de poort naar Europa nog wagenwijd open.

Met taxí’s en hotels, een VVV-kantoor, wifi, postkantoor inclusief pinautomaat, centre de santé, politiebureau, watertoren, je kunt het zo gek niet  bedenken. En als het heel ernstig is, kun je vanaf een prima vliegveld-met-brandweer en zonder gedoe terugvliegen naar huis.

Geen wonder dat slimme Aluku, Chinezen en Brazilianen daar in 2006 pal tegenover, ook aan de Lawa dus, een nieuwe nederzetting hebben gevestigd. De geuzennaam is Albina2. Je kunt er, zelfs in de schoolslag, gemakkelijk  heen zwemmen. Of terug. Over van twee walletjes eten doen ze hier niet moeilijk.

Categorieën: Blog post

1 reactie

Halma · 10 mei 2018 op 2:32 pm

Theo,

Wat een prachtig origineel verhaal
Fijn dat dit soort plekjes nog bestaan.
Hopelijk heeft U daar mooi droog weer
gehad. Het ademt ook een positieve
sfeer uit. Mooi zo.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *