Er zijn  nog altijd mensen, vooral buiten Afrika, die krampachtig proberen te bewijzen dat ‘Afrikanen’ ergens in het verleden on top of the world zijn geweest. De  herontdekking  van ‘racisme’, met name in rijke landen waar delen van de bevolking voorouders hebben in overzeese ex-kolonies zoals Nederland en zijn Afro-Surinamers, is daar niet vreemd aan. En of je aan die ‘bewijzen’ een boodschap hebt of niet, ze worden telkens weer klakkeloos opgeschreven en voor zoete koek geslikt.

Zo ook in het Surinaamse dagblad de Ware Tijd (dWT), dat op 7 juli een hele pagina – nee, geen tabloidformaat – inruimde voor Armand Zunder, voorzitter van de Nationale Reparatiecommisie Suriname (NRCS). Aanleiding was de jaarlijkse viering van de afschaffing van de slavernij (1863) en het hoofdonderwerp ‘een meer bewuste beleving van het zwart zijn onder de Afro-Surinamers’.

De NRCS heeft, aldus het dictaat van Zunder aan de betrokken journalist Euritha Tjan A Way, onderzoek gedaan naar de positie van de Afrikanen in Spanje ten tijde van de zo genaamde ontdekkingsreizigers en daaruit is gebleken dat de Moren (zwarte mensen uit Noord-Afrika) veel Spaans gebied hadden veroverd en eigenlijk de beschaving naar Europa hebben gebracht. Einde citaat.

Geen wonder dat Zunder – tot zijn, door de interviewer gedeelde, verontwaardiging – met dit onderzoeksresultaat geen gehoor had gevonden bij de commissie, die in juni op de Surinaamse universiteit (AdeKUS) een internationale conferentie organiseerde over de nalatenschap van slavernij en contractarbeid. Want met zulke onzin wil je als beroepshistoricus natuurlijk niet worden geassocieerd.

Twee mensen vielen hier tegelijkertijd door de mand: de econoom  Zunder als beunhaas op het vlak van de geschiedschrijving en de journalist Tjan A Way als ijveraar voor ‘een heel andere mindshift van de zwarte mens’. De ene activist die de andere ondervraagt levert nu eenmaal zelden hoogstaande journalistiek op.

Rest de vraag waarom deze activisten het publiek een rad voor ogen draaien. Want Zunder en Tjan A Way zijn als geschiedkundige beunhazen bepaald geen uitzondering in Suriname en de diaspora. Integendeel, sinds de Revolutie is zelfs een hele ‘school’ ontstaan met Hira,  Limburg, Van der Kooye , Gomes en Rijsdijk als overige coryfeeën dan wel epigonen.

Je voordoen als wetenschapper is een beproefde methode om mensen voor jouw mening en daaruit voortvloeiende activiteiten te winnen. Hoe groter de onwetendheid des te gemakkelijker wind je mensen om je vinger. De journalist van dWT bestempelde Zunder in genoemd interview niet voor niets als ‘collega-wetenschapper’ van Maurits  Hassankhan (coördinator geschiedenis op de AdeKUS).

Belangrijk lijkt me vooral dat het hier primair gaat om eigenbelang. De Afrikanen van vandaag en hun continent komen namelijk niet in het stuk voor. Die hebben trouwens wel wat anders aan hun hoofd dan de sores van mensen in andere continenten die zich om de een of andere reden beroepen op hun ‘zwarte identiteit’ en herstelbetalingen eisen voor hun voorouders aangedaan leed, omdat zij zelf hun broek niet kunnen ophouden.

Zolang die identiteit slechts een emotionele en nostalgische   aangelegenheid is en geen duidelijke politieke vertaling krijgt, kun je effectieve internationale solidariteit wel vergeten. En hebben tori over ‘Afrikaanse’ heldendaden in een opgepimpt verleden of niet minder denkbeeldige toekomst louter waarde als volksvermaak en dwaallicht tegelijkertijd.

 

Categorieën: Blog post

1 reactie

Halma · 23 juli 2018 op 12:27 am

Theo.

“eigenlijk de beschaving naar Europa
gebracht ” dat is overdreven maar:

Google:

De bijzondere nalatenschap van de
Moren in Spanje

Toch wel behoorlijke bijdragen geleverd.
Lees maar even

Geef een reactie

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.